De transitieperiode van melkkoeien is de plotselinge overgang van een periode waarin ze geen melk geven en drachtig zijn, naar een periode waarin ze melk gaan produceren, na de bevalling. De meeste problemen en ziektes bij melkkoeien treden dan ook op rond deze periode, omdat ze niet altijd
goed in staat zijn zich goed aan deze veranderingen aan te passen. Het aanpassingsvermogen aan deze verandering varieert ook per koe. Het is daarom belangrijk om gedurende de periode al het management, voeding en verzorging op de behoefte van de koe aan te passen, zodat ze probleemloos
door de periode kunnen komen. Uit eerder onderzoek is gebleken dat het gedrag-, activiteit- en eetpatroon vóór het kalven gerelateerd is aan de ziektegevoeligheid ná het kalven. Juist
deze voorspelling geeft ruimte om vroegtijdig het management voeding of andere zaken aan te passen aan de behoeften van de koe, zodat alle koeien wel in staat zijn om hun eigen gewenste patroon te kunnen vertonen. Dit zal uiteindelijk leiden tot een diergericht melkveehouderijsysteem, dat gericht is
op de behoeften van de koe. Om de eerdere bevindingen om te kunnen zetten naar een betrouwbaar
model, dat in het management ingebouwd kan worden, is het nodig om het op grotere schaal in de praktijk te toetsen. Hiervoor is dit onderzoek bedoeld. Om de voorspellende kracht goed te kunnen bepalen, is het ook nodig om in deze fase bloedonderzoek te doen. Voor het uiteindelijke gebruik in de
praktijk, zal bloedonderzoek dan niet meer nodig zijn. Naast het meten van gedrag en activiteiten van de koeien zal binnen dit onderzoek bij een deel van de koeien ook de uitademingslucht van de koeien
gemeten worden, terwijl ze staan te eten. Deze uitademingslucht kan mogelijk aangeven of ze nog voldoende gezond zijn. Om dit goed te kunnen bepalen zal bij aantal koeien vaker een bloedmonster moeten worden genomen

Het project richt zich op een verschuiving van maximale productie en efficiëntie in de melkveehouderij, naar het aanpassen van het houderij systeem aan de behoeften van de koe. Dit zal ten goede komen aan de gezondheid en het welzijn van de melkkoeien in Nederland. Het zal het
antibioticagebruik verminderen en de koeien zullen hierdoor ook langer kunnen leven. Twee belangrijke maatschappelijke thema’s binnen de veehouderij in Nederland.

In dit onderzoek wordt gewerkt met koeien.