Het eerste doel van dit project is het ontrafelen van mechanismen die verantwoordelijk zijn voor het feit dat griepvaccins van sommige virusstammen veel minder werkzaam zijn dan vaccins van andere virusstammen. Het tweede doel is de opgedane kennis te benutten om beter werkzame vaccins te maken.

Het griepvirus (influenzavirus) is aan constante verandering onderhevig. Soms steken daarbij virussen de kop op, waarvan de vaccins slecht werkzaam zijn. De virussen of de afgeleide vaccins zijn dan zwak immunogeen.

Zwak immunogene vaccins wekken onvoldoende beschermende antistoffen op, waardoor ingeënte personen alsnog ziek kunnen worden. Er is daarom meer vaccin of herhaaldelijke toediening van vaccin nodig om voldoende bescherming te bewerkstelligen.

it project beoogt te achterhalen welke eigenschappen zwak immunogene influenzavirussen onderscheiden van sterk immunogene virussen en deze kennis te benutten om ook van zwak immunogene virussen goed werkzame vaccins te maken.

Als wij begrijpen waarom sommige virusstammen of vaccins zwak immunogeen zijn, kunnen we deze kennis benutten om beter werkzame vaccins te maken. Dit kan door bijvoorbeeld het virus waarvan vaccin geproduceerd wordt dusdanig te manipuleren dat het op een sterk immunogeen virus lijkt. Ook wordt het wellicht mogelijk om voor nieuw opduikende virusstammen te voorspellen of ze sterk of zwak immunogeen zullen zijn. Dit is belangrijk om in een vroeg stadium van een dreigende pandemie de benodigde dosis vaccin in te kunnen schatten, om zo de aanschaf van vaccins optimaal op de situatie aan te kunnen passen.

In dit onderzoek wordt gebruik gemaakt van muizen.