Het ervaren van intens traumatische gebeurtenissen kan diepe sporen nalaten. Mensen gaan dergelijke gebeurtenissen herbeleven en gelijkaardige situaties vermijden. Dit psychiatrisch ziektebeeld staat bekend als posttraumatische stress stoornis (PTSS) en komt wereldwijd voor bij 5-8%
van de mensen. We weten nog te weinig over deze stoornis en een effectieve therapie bestaat nog niet. Met dit onderzoek willen we bijdragen leveren aan kennis over PTSS en een nieuwe therapie onderzoeken. Dit doen we door specifiek ontworpen experimenten waarbij we het gedrag van de muizen heel nauwkeurig gaan observeren terwijl we de vrijgave van een stofje (de neurotransmitter serotonine) in de hersenen beïnvloeden. We hopen met deze manipulatie het effect van PTSS te verminderen, dan wel te elimineren in onze muizen. Deze resultaten kunnen dan vertaald worden naar een effectieve therapie bij mensen die lijden aan PTSS. Serotonine blijkt namelijk een rol te hebben in het (beter) onderscheiden van gebeurtenissen waardoor mensen met PTSS in staat zouden kunnen zijn een beter onderscheid tussen een normale en de traumatische gebeurtenis.
Het hier voorgestelde onderzoek is van fundamenteel wetenschappelijke aard met mogelijk verstrekkende gevolgen voor de therapie van PTSS. Ten eerste zijn de hersenprocessen achter PTSS nog niet voldoende gekend, terwijl dit ziektebeeld toch vaak voorkomt in de populatie. Ten tweede kunnen deze bevindingen meer toegepast onderzoek inspireren door het uitvinden en verbeteren van therapieën in de kliniek.
In dit onderzoek wordt gewerkt met muizen.