Dikke darmkanker is de meest voorkomende vorm van kanker in Nederland. Per jaar krijgen in ons land ca. 15.000 patiënten de diagnose darmkanker en sterven bijna 6.000 mensen aan deze ziekte. Van alle extrinsieke factoren die aanleg geven voor sporadische dikke darmkanker hebben het westerse dieet (d.w.z. een dieet dat hoog is in calorieën en dierlijke vetten en laag in vezels) en de chronische ontsteking van het spijsverteringskanaal (d.w.z. syndromen als de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa) de grootste invloed.
Vooronderzoek in ons laboratorium met muismodellen met ontsteking of op een westers dieet toont aan dat het gedrag van stam- en nichecellen aangetast wordt voordat de allereerste en doorslaggevende genetische mutatie plaatsvindt. De hoofddoelstellingen van dit project zijn het ophelderen van de moleculaire en cellulaire mechanismen die darmkanker veroorzaakt in de context van dieet en ontsteking, en de identificatie van de desbetreffende “cel van oorsprong”.

Dikke darmkanker is de meest voorkomende vorm van kanker in Nederland. Per jaar krijgen in ons land ca. 15.000 patiënten de diagnose darmkanker en sterven bijna 6.000 mensen aan deze ziekte. Van alle extrinsieke factoren die aanleg geven voor sporadische dikke darmkanker hebben het westerse dieet (d.w.z. een dieet dat hoog is in calorieën en dierlijke vetten en laag in vezels) en de chronische ontsteking van het spijsverteringskanaal (d.w.z. syndromen als de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa) de grootste invloed.
Vooronderzoek in ons laboratorium met muismodellen met ontsteking of op een westers dieet toont aan dat het gedrag van stam- en nichecellen aangetast wordt voordat de allereerste en doorslaggevende genetische mutatie plaatsvindt. De hoofddoelstellingen van dit project zijn het ophelderen van de moleculaire en cellulaire mechanismen die darmkanker
veroorzaakt in de context van dieet en ontsteking, en de identificatie van de desbetreffende “cel van oorsprong”.

In dit onderzoek wordt gewerkt met muizen.