Het doel van het project is om de embryonale ontwikkeling van gewervelden (mens en dier) beter te begrijpen. Cellen in ons lichaam hebben het verbazingwekkende vermogen om te kunnen veranderen in vrijwel elk ander celtype. Uit deze ontdekking van Nobelprijswinnaars Shinya Yamanaka en John Gurdon volgt dat het mogelijk moet zijn om cellen van patiënten te veranderen voor medische doeleinden. Om dit te kunnen doen is het echter van groot belang om de normale, embryonale ontwikkeling beter te begrijpen. Hoe kunnen cellen veranderen in verschillende typen cellen? Welk ‘traject’ ondergaan zij hierbij en welke moleculaire regelprocessen dragen eraan bij dat dit op een gecontroleerde manier gebeurt? Op welke manier sturen de genen de complexe interacties tussen cellen die leiden tot het ontstaan van vorm en functionele weefsels in het embryo? Deze vragen worden bestudeerd in een diermodel, de Afrikaanse klauwkikker ( Xenopus). Er worden twee verwante kikkersoorten gebruikt om beter inzicht te krijgen in het belang van diverse moleculaire processen. De kikker is een heel geschikt model, onder meer door het grote aantal eieren dat de kikker kan produceren en door de uitwendige ontwikkeling van de embryo’s (buiten het moederdier) wat directe observatie van en onderzoek met de embryo’s mogelijk maakt.
Dit onderzoek wordt gewerkt met Xenopus tropicalis.