Hoe onze hersenen zich in een vroeg stadium precies ontwikkelen is niet exact bekend. Toch weten we wel dat verstoring van die ontwikkeling kan leiden tot ernstige ziektes, waarvoor op dit moment nog geen goede behandeling bestaat. De belangrijkste doelstelling van ons onderzoek is het begrijpen van de moleculaire en fysiologische mechanismen die ten grondslag liggen aan de ontwikkeling van de hersenen, met name het middenbrein en de hersenschors, met het oog op ziektes die kunnen ontstaan als er iets mis gaat tijdens de ontwikkeling. Het middenbrein is van groot belang omdat daar dopamine, een belangrijke stof die signalen in de hersenen overbrengt, wordt gemaakt. Verstoringen in dit systeem zijn vaak een oorzaak van ziektes zoals de ziekte van Parkinson. De hersenschors is een zeer divers onderdeel van de hersenen: er wordt informatie uit de zintuigen verwerkt, maar er zetelen ook "hogere" functies zoals het geheugen. Er zijn talloze ziektes die hun oorsprong hebben in de hersenschors, of er op z'n minst bij betrokken zijn, zoals autisme, schizofrenie en de ziekte van Alzheimer. Veel van deze afwijkingen ontstaan tijdens de vroege ontwikkeling van de hersenen. Door deze ontwikkeling te
bestuderen krijgen wij inzicht in de processen die uiteindelijk leiden tot deze ziektes. Dit inzicht is van belang voor de ontwikkeling van nieuwe medicijnen en een goede behandeling.
Wetenschappelijk belang: het verkrijgen van fundamenteel inzicht in de processen die ten grondslag liggen aan de ontwikkeling van de hersenen. Maatschappelijk belang: De kennis van de ontwikkeling van het middenbrein en de hersenschors die we door dit onderzoek verkrijgen, kan op termijn
helpen om nieuwe of verbeterde therapieën te ontwikkelen tegen hersenstoornissen die hun oorsprong hebben tijdens de ontwikkeling. De kennis die we met dit proefdieronderzoek opdoen kan dus later worden toegepast bij het verbeteren van bestaande behandelingen of het ontwikkelen van nieuwe behandelingen voor zieke mensen.
In dit onderzoek wordt gewerkt met muizen.