Schimmels maken bepaalde gifstoffen aan, mycotoxines. Deze gifstoffen zijn aanwezig in erg veel verschillende soorten voedsel. Er zijn richtlijnen voor maximale blootstelling aan deze gifstoffen om nadelige effecten op de gezondheid zoals kanker te voorkomen. Maar recent onderzoek heeft
aangetoond dat lagere concentraties van deze gifstoffen bijdragen aan het kapot maken van de darmbarrière. Er is nog weinig informatie te vinden over de blootstelling aan deze mycotoxines en het effect op de zwangerschap en de borstvoeding, daarom willen wij dit verder onderzoeken. De mycotoxines kunnen het immuunsysteem negatief beïnvloeden, waardoor mogelijk het ontwikkelen van allergie bevorderd wordt. In dit onderzoek bekijken we of de immuunreactie van de nakomelingen is veranderd, en of de nakomelingen makkelijker allergieën ontwikkelen als zij via de moeder zijn blootgesteld aan deze gifstoffen. Als we beter begrijpen hoe mycotoxines een bijdrage leveren aan het vóórkomen van allergieën, biedt dit aanknopingspunten om ze mogelijk in de toekomst te helpen voorkomen.

We verwachten een duidelijk beeld te kunnen vormen hoe de te onderzoeken gifstoffen worden overgedragen in de placenta (moederkoek), het vruchtwater en in de moedermelk. Zo kunnen we bepalen in hoeverre de nakomelingen via de moeder worden blootgesteld aan de gifstoffen. Ook
onderzoeken we of door de blootstelling aan gifstoffen veranderingen optreden in het immuunsysteem van de moederdieren en de nakomelingen, en of de nakomelingen makkelijker allergisch worden. Als dit in kaart is gebracht onderzoeken we of deze nadelige effecten zijn tegen te gaan met een dieet met voedingsvezels, waarvan we in eerder onderzoek al hebben vastgesteld dat deze bijdragen aan het verminderen van allergie.

In dit onderzoek wordt gewerkt muizen.