De behandeling van kanker met chemotherapie – medicijnen die kankercellen doden of remmen in hun groei – is meestal niet erg specifiek voor de kanker alleen. Na de toediening (via pil of infuus) verspreidt de stof zich over het gehele lichaam. Daardoor kunnen niet alleen zieke, maar ook gezonde cellen en weefsels worden aangevallen. Dit leidt tot (soms ernstige) bijwerkingen, zoals bloedarmoede, stollingsproblemen, infecties, diarree, zenuwaandoeningen en haarverlies.

Daarom is de ontwikkeling van specifiekere medicijnen van groot belang. Het ontwerpen van een medicijn dat alleen de kankercel aanvalt en de gezonde cel met rust laat is echter moeilijk. Een andere methode voor het verbeteren van chemotherapie is het gebruik van nanodragers. Een nanodrager is een transportmodule, die ervoor zorgt dat het medicijn specifieker bij de tumor wordt afgeleverd. De hoeveelheid geneesmiddel in de het kankergezwel wordt hierdoor verhoogd, terwijl tegelijkertijd de hoeveelheid in gezonde weefsels wordt verlaagd. Dit project onderzoekt de ontwikkeling van deze nanodragers.

Voor beeldvormende toepassingen voor het traceren van de kankerhaard geldt er een vergelijkbaar doel. Net zoals in de therapeutische toepassing, kan ook hier de strategie van een verhoogde hoeveelheid van de (in dit geval beeldvormende) actieve stof in het kankerweefsel toegepast worden. Dit, in combinatie met het voorkomen van ophoping in gezond weefsel, zal leiden tot een betere zichtbaarheid, wat gunstig is voor vroege detectie en diagnose van kanker.