Deze handreiking is bedoeld ter ondersteuning bij de interpretatie van de Wet op de dierproeven (Wod) in het geval van handelingen aan wilde dieren in hun biotoop. De handreiking is bedoeld voor iedereen die direct of indirect betrokken is bij dit onderzoeksveld: onderzoekers, veldwerkers, instellingsvergunninghouders, Instanties voor dierenwelzijn (IvD), Dierexperimentencommissies (DEC), toezichthouders en opleiders van ‘veldwerkers’.
De handreiking vormt een nadere uitwerking van de kaders die door de CCD zijn opgesteld voor vergunningplichtige dierproeven met wilde dieren in hun biotoop. Deze kaders zijn aanvullend op die in de handreiking ‘Wanneer is er sprake van een dierproef in de zin van de wet?’, die primair gericht is op de toepassing van de Wet op de dierproeven in onderzoek met dieren (waaronder wilde dieren) in het laboratorium.